Blok Learning Français

Startpagina › Lidwoord en geslacht

Le of la: het geslacht dat u er niet aan kunt zien

In een woordenschattest Nederlands–Frans verliest u punten op woorden die u wél kent, omdat het Franse lidwoord ontbreekt of fout is. De of het draagt u al mee; le of la niet — dat valt er maar half uit af te leiden, en niets in uw eigen taal wijst u de weg. Hieronder wat dat kost, en hoe u het lidwoord samen met het woord leert.

Wat deze pagina is, en wat niet.

Een uitleg van onze hand. Ze neemt geen lijst en geen passage uit officieel examenmateriaal over: de woorden hieronder zijn alledaags, met opzet. Wat op de examendag telt, blijft het materiaal van de organisator.

Wat het geslacht kost, met de cijfers erbij

Bij de taaltest artikel 11bis wordt u getest in de taal die niet die van uw diploma is: met een Nederlandstalig diploma antwoordt u in het Frans. Veertig items, twintig minuten, en u slaagt vanaf 28 op 40, oftewel 70 %. Eén punt voor het voorziene woord, volledig, met zijn lidwoord of geslacht, verstaanbaar uitgesproken. Het juiste woord met een fout of ontbrekend geslacht: een half punt. Het geslacht alleen, zonder het woord: nul — één kans op twee levert geen punten op.

Reken het uit. Veertig woorden die u alle veertig kent: vijftien volledig, vijfentwintig juist maar zonder lidwoord. Samen 27,5 op 40. Onder het minimum, zonder één black-out. Twee gekende woorden zonder hun lidwoord kosten evenveel als één woord dat u nooit hebt gezien.

De regel verschilt van examen tot examen. Bij de taaltest voor de magistratuur wordt het lidwoord van zelfstandige naamwoorden niet gevraagd — niet op artikel 5, niet op artikel 6: een juiste vertaling zonder lidwoord levert het volle punt op, een verkeerd lidwoord kost de helft. Wat wél verschilt, is de richting: op artikel 5 antwoordt u met een Nederlandstalig diploma in het Nederlands (zeventig vragen, minimum zestig), zodat het Franse geslacht er niet aan bod komt; artikel 6 test beide richtingen (honderdveertig vragen, minimum honderdvijftien) en laat u dus ook naar het Frans schrijven. Zwijgen kost u bij 11bis een half punt, bij de magistratuur niets. Lees dus eerst de lidwoordregel van úw examen.

Waarom uw Nederlands u hier niet helpt

De of het hebt u al; le of la begint van nul

Uw eigen lidwoordsysteem zit er al in: de of het, ook zonder regel. Het Franse geslacht is een tweede systeem, en het eerste voorspelt het tweede niet.

  • de fiets → le vélo (mannelijk)
  • de deur → la porte (vrouwelijk)
  • het mes → le couteau (mannelijk)
  • het bord → l’assiette (vrouwelijk)

Twee Nederlandse lidwoorden, twee Franse, geen lijn ertussen. De betekenis helpt evenmin: een vrouwelijk model blijft le mannequin, een mannelijke giraf blijft la girafe.

Het geslacht verdwijnt precies daar waar u Frans leest

Geschreven Frans toont een woord vaak in een vorm die zijn geslacht verzwijgt. Voor een klinker wordt het lidwoord afgekapt: l’échelle, l’orage, l’assiette, l’escabeau — vier woorden, twee geslachten, niets te zien. In het meervoud wist les alles uit. Zelfs het bezittelijk voornaamwoord misleidt: son adresse oogt mannelijk, maar adresse is vrouwelijk — voor een klinker gebruikt het Frans son, ook bij vrouwelijke woorden.

En de uitgang -e betekent niets: le groupe, le verre en le beurre zijn mannelijk. Zo leest u jarenlang Frans zonder ooit te moeten kiezen; de vraag komt pas wanneer u zelf iets moet produceren.

Een orde van grootte, op de administratieve en juridische woordenschat van 11bis: van de achthonderd items dragen er 524 aan Franse kant een lidwoord, en bij 157 staat het geslacht er voluit bij — in 134 gevallen omdat het lidwoord is afgekapt en het woord zelf niets prijsgeeft. Juist daar moet u ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ hardop zeggen, voor een woord waarbij u zich die vraag nooit hebt gesteld.

Nog een addertje: 104 items laten meer dan één Franse vertaling toe. Eén volstaat, maar volledig, met het lidwoord van díe vorm — dat van de ene vorm op het woord van de andere blijft een half punt.

Het geslacht is geen etiket, het is een scharnier

In het Frans is het lidwoord geen woordje vóór het echte woord: het draagt informatie waar de rest van de zin op steunt. Eén verkeerd geslacht blijft dus zelden alleen:

  • het bijvoeglijk naamwoord gaat mee: un dossier complet, maar une lettre complète;
  • het aanwijzend voornaamwoord verandert: ce couteau, cette assiette;
  • het persoonlijk voornaamwoord verandert: le vélo … il est neuf, la porte … elle est ouverte;
  • en op papier volgt het voltooid deelwoord: la lettre que j’ai reçue.

Op papier weegt dat dubbel: in de woordenschattest voor de magistratuur telt een spelfout als een fout antwoord — nul, niet een half punt. Een verschrijving en een woord dat u nooit kende leveren daar dus evenveel op.

Vuistregels die werken, en waar ze ophouden

Geen van deze families is een wet, maar samen verkleinen ze de stapel die u één voor één moet onthouden.

Meestal vrouwelijk

  • -tion, -sion, -ure, -ette, -ance, -ence, -ie (la question, la voiture, la fourchette, la boulangerie);
  • abstracte woorden op -té die van een bijvoeglijk naamwoord komen (la beauté, bij beau).

Meestal mannelijk

  • -ment, -age, -eau, -isme, -oir, -ier (le vêtement, le fromage, le couteau, le cahier).

Elke familie heeft uitzonderingen, vaak veelgebruikte woorden: la page en l’image tegenover -age, l’eau en la peau tegenover -eau, le silence tegenover -ence.

Vier bewegingen om het geslacht te leren

  • Leer het blok, nooit het woord alleen. Wie assiette = bord leert, onthoudt twee gegevens; op het examen worden er drie gevraagd. Het derde is niet vergeten — het heeft nooit bestaan.
  • Maak het geslacht zichtbaar waar het zich verstopt. L’échelle verzwijgt het, une échelle niet. Leer die woorden dus met un of une (une vieille échelle, un gros orage).
  • Produceer voordat u controleert. Een tweetalige lijst herlezen geeft een sterk gevoel van beheersing, want het antwoord staat er al. Op de examendag niet meer.
  • Reken een ontbrekend lidwoord als een hele fout, en kom er sneller op terug dan op de rest.

En dan is er de klok: veertig vragen in twintig minuten is gemiddeld dertig seconden per item, bij 11bis zonder voorbereidingstijd en zonder kladpapier. Bij dat tempo leidt u geen geslacht meer af — u hebt het, of u hebt het niet.

Hoe u dit in Blok oefent

Een oefening voor het lidwoord alleen

Zeven oefenvormen wisselen elkaar af in een sessie. Eén gaat alleen over het lidwoord: het woord staat er, u kiest wat ervoor hoort — ook naar het Frans toe.

De puntentelling van úw examen

Bij 11bis typt u elke vertaling, met het lidwoord als het woord er een heeft: zonder lidwoord of met een verkeerd lidwoord is dat een half punt. Bij de magistratuur wordt het lidwoord niet gevraagd — een verkeerd lidwoord kost er de helft.

Wat u mist, komt terug

Een woord waarvan het lidwoord u ontglipte, komt nog vóór het einde van de sessie terug, en daarna vroeger dan de rest. Wat blijft weerstaan, komt samen in Hardnekkige woorden.

Een Proefexamen in het juiste formaat

Bij 11bis: veertig vragen, twintig minuten, minimum 28. Geen correcties tijdens het proefexamen; na afloop wordt elke fout overlopen, lidwoord inbegrepen.

Wat Blok niet doet, en het zegt.

In Blok antwoordt u schriftelijk; op het examen 11bis antwoordt u mondeling voor een jury. Blok kan voorbeelden laten horen, maar beoordeelt uw uitspraak niet — terwijl een onverstaanbaar antwoord geen punt oplevert. Blok controleert het grammaticale geslacht van het Franse zelfstandig naamwoord nog niet: waar het lidwoord is afgekapt, vraagt de app u vandaag niet om ‘mannelijk’ of ‘vrouwelijk’ op te geven. En Blok bootst de contacten met de jury niet na, evenmin als de mogelijkheid om een vraag over te slaan en er later op terug te komen, of het gebruik van het papieren document waarop u niets mag noteren. Die vier afwijkingen staan ook in de app zelf.

Blok openen en oefenen

Gratis tijdens de proefperiode, in het Nederlands en het Frans. De app geeft geen garantie op slagen en geen garanties over de inhoud van een toekomstig examen.